hoor mij
hoor mij schrijven, terwijl voeten
nauwelijks nog gaan.
we blijven.
tegen warmte aan en sluimeren
omheen
na drinken
doe ik niet meer
alsof
volledig mij
en wat dat draagt,
doet voluit genoegen.
warmt
gaat terug naar
al wat was
aan zee.
ik zie door vertes,
ver in 't hoofd,
stuivend zand en
meer.
vergeet niet
wat zilte, zoute
nachten brachten.
jaren nog
daarna
twee tranen
en ik
zie u
weer
als in wat was.
ik hoor.
zie u staan,
gij beiden.
als in zingen
tot aan Engeland.
zand tussen de
mensen door,
de tenen
zie mij
zie mij
zitten.
wat ik doe,
is vol voor u
door u die
woorden drenkt
en lost
door mij
door dwalen
ik vind u,
zie u zitten
zijn
als gij
als tranen die
wij plengen,
onbeschaamd
verloren.
zondag 11 december 2011
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten