weet je, soms, lief, lig ik naast jou.
stiekem.
mijn hand over jouw borst, ik slaap niet.
jij ademt, droomt ook af en toe.
je bent niet
eens
bij mij.
ik sper mijn ogen open, luister
naar wat nacht is. trein, wind,
zuchten.
armen onder lakens die bewegen,
links rechts. dat rustgevende ruisen.
jouw mond maakt flauwe krullen,
zacht en stil omhoog.
dan draai je weg, verlegt je.
mijn hand blijft ergens achter, de vingers
wegen zwaar, alsof ze niet de mijne zijn.
ik verzink in de dikte
van het matras. je plooit een arm omheen
jezelf en raakt daarbij mijn
naakte buik.
je zou me kunnen strelen, nu. als je niet
slapen zou.
met grote ogen zoek ik plekken die
ik nooit eerder heb gezien, bezien,
bekeken van dichtbij.
zoals steeds kleven haren in een krul
in jouw nek. je voelt niet hoe ik lig te kijken en
zucht. je ademt dieper, zakt ook weg, tegen
mij aan.
je houdt wel van die warmte die lijven kunnen
geven, liefst nog aan elkaar.
lief, je ruikt naar jou.
ik druk mijn neus tussen de krullen die jouw nek
voor mij bedekken. sluit mijn ogen even,
toe.
ik durf je verder niet te raken.
zo ben je.
zonder ruisen of geluid rol ik langzaam
op mijn rug, één arm leg ik vanboven.
hoog en boven 't hoofd gevouwen, boven
lakens, boven 't hart.
we raken elkaar niet.
's ochtends zou je mij weer vragen of
ik écht goed heb geslapen, want mijn ogen zijn
weer kiertjes waardoor ik jou nog steeds kan zien.
tuurlijk, zeg ik. niks zo heerlijk dan
zacht tegen jou aan
en, zonder schapen tellen,
dromen.
dromen ook.
dinsdag 15 maart 2011
zaterdag 5 maart 2011
eind
lief,
dit doe ik nu, schrijven om u.
zo, om niemand dicht, slechts ver, nog steeds.
dat doe ik met u, gebruiken. om eigen profijt, om ademen,
om kunnen ademen. blijven. zitten.
horen, zien, mijn lief.
hoog tijd om u te zien als ú. spelend.
dansend ook. ik wil u laten
lezen. veel. alles.
elke dunne letter. punt en wat er
staat, is waar, zo waar.
zowaar om u. ik wil vertellen.
ver weg zijn en vertellen. reizen
zonder u, met u onder mijn
vleugels, in mijn hoofd.
hoe het zit. zo en zacht en slapen,
niet vannacht, niet nu.
slechts waken. slechts dat.
ik zie u, wil u vinden.
nogmaals en weer gauw.
dit doe ik nu, schrijven om u.
zo, om niemand dicht, slechts ver, nog steeds.
dat doe ik met u, gebruiken. om eigen profijt, om ademen,
om kunnen ademen. blijven. zitten.
horen, zien, mijn lief.
hoog tijd om u te zien als ú. spelend.
dansend ook. ik wil u laten
lezen. veel. alles.
elke dunne letter. punt en wat er
staat, is waar, zo waar.
zowaar om u. ik wil vertellen.
ver weg zijn en vertellen. reizen
zonder u, met u onder mijn
vleugels, in mijn hoofd.
hoe het zit. zo en zacht en slapen,
niet vannacht, niet nu.
slechts waken. slechts dat.
ik zie u, wil u vinden.
nogmaals en weer gauw.
Abonneren op:
Posts (Atom)