vrijdag 24 juli 2009

Soep

oh zou ik graag
mijn armen zo
om jouw schouders
slaan
als je soep schenkt
en mijn honger laaft

in warme armen
rusten

net uit bad in
bed
gestapt
slapen tussen schone
lakens

zomer is nabij

wind waait in
mijn hoofd
en zachte zuchten
rusten
nacht wekt
slapende lusten
en

temt eenzaamheid
in mij

het broeden op
verwachten van
en eeuwig
eeuwen wachten
doet talmen
vertragen

doet spoken verjagen
die huizen
in hart en in hoofd

verdwalen
in vinden van rust
van licht

in evenwicht
in sterk en stevig
denken

bied tegenwicht
voor zoet en zalig
zwalpen

dat dwalen
dat ik doe
heeft voeten nodig
wortels in
een losse grond

grove, zwarte
poldergrond
en bomen zo rondom.

als wind weerom
dat vuur ontlokt,
als onrust weer
ontwaakt

als mijn vurig hart
weerom verzaakt
om rede toe te laten
ogen open en weer
toe

voor schoonheid
in de waaiewind
witte sterren
zomernacht
voeten in het natte gras.
zon die ondergaat.

schenk soep
in stenen kommen en
schenk rust
die nooit meer overgaat.