Er was er eens een heel oud vrouwke
dat een maaltijd ging bereiden
Ze zou een potje bonen brouwen
en daarmee haar maag verblijden
Ze nam een handje stro voor 't vuurke,
maar morste daarbij op de grond
Eén strootje gleed al naar beneden,
vond daar een kooltje, zwart en rond
Ook een boontje wist te vluchten
Hij zag tussendoor een kans
Het Boontje, Strootje en het Kooltje
ontsprongen zo de Dodendans
Boontje, Strootje en het Kooltje
wilden graag de wereld in
Trokken samen uit de keuken,
geen hindernis was hen te min
Ze kwamen aan een kolkend water,
bij nader inzien, 't bleek een sloot
't Strootje wierp zich over 't beekje,
bewees de dienst als strooien vloot
Kooltje stak als eerste over
maar brandde 't Strootje los in twee
Beiden gingen kopje onder
Boontje lachte daar eens mee
't Lachen leek maar aan te houden,
Boontje lachte zich een scheur
ter hoogte van zijn navelbuikje
Zijn naadje scheurde helemaal deur
Ten toeval wie daar net passeerde,
een kleermaker trok door de streek
Hij maakte 't scheurtje mooi ten ende,
naaide met een schone steek
het buikje van de Boon gesloten
een rechte lijn over zijn buik
met zwarte draad, hij had niet anders
Wit op zwart, het stond wel puik
Boontjes hebben tot op heden
het lijntje van hun oom geërfd
Ze zijn van hoog tot heel beneden
met een zwarte lijn generfd
zondag 27 juni 2010
Assepoes
"Wie kent er niet
het schoon verhaal
van het meisje Assepoes?"
Assepoes, verweesd was zij
na het sterven van haar
moeder
Amper één jaar
na dat sterven,
hertrouwde pa met
stiefgeloeder
't Stiefgeloeder had twee dochters,
stiefzus één en stiefzus twee
Omdat zij minderjarig waren,
kwamen zij met Stiefmoe mee
Ze betrokken het kasteel,
stuurden Assepa ver heen,
namen Assepoes als dienstmeid
Stiefmoe bleek plots zeer gemeen
Stiefzus één en stiefzus twee
aardden naar hun valse moer,
pestten Assepoes dagdagelijks,
gaven haar slechts varkensvoer
Op een dag,
het kon niet waar zijn:
Prins de Eerste
gaf een bal!
De zussen wilden
prachtig blinken
En Assepoes?
U weet het al
Ze zorgde voor de baljurken
van het Stiefgemoei plus twee
Had zelf ocharm
geen schone kleren,
dus, Assepoes, zij kon niet mee
Toen zette zij zich
zo te huilen
op haar lieve moeders graf
Het boompje dat daarboven bloeide,
wierp een bloesemjurkje af
En in de holte van de stam
schitterde zowaar
wit als sneeuw
maar oh zo glanzend,
een passend glazenmuiltjespaar
Ook verscheen
een gouden koets
gegroeid als kool uit een pompoen
Ze diende nog slechts in te stijgen,
het koetsje zou de rest wel doen
Ratelend vertrok zij daar,
in de gouden vrucht op wielen,
bij aankomst aan het Koningshuis
ging iedereen voor haar aan 't knielen
Schreed zij binnen
op haar hakken,
zag de Prins en hij zag haar
"Dansen wil ik, schone jongen,
op mijn glazenmuiltjespaar!"
Na uren walsen
in zijn armen
in haar kersenbloemgewaad,
leek zij toen een klok te horen
't Was ten twaalven,
veel te laat
De bloesems van haar jurk verwelkten,
vielen van haar slanke lijf
't Was geen zicht,
zo zonder baljurk
werd zij zo weer Assewijf
Assepoester stopte 't walsen,
wist heel goed wat nu te doen,
donderde de trappen af
en verloor daarbij een schoen
's Anderendaags,
al bij het starten
van een nieuwe arbeidsdag,
ging Assepoes alweer aan 't zwoegen
met op haar mond een gulle lach
Op de voordeur
eensklaps hoorde
't Stiefgemoei een slag of zes
Een lakei en Prins de Eerste
stonden samen op 't bordes
Wankel rustend
op een kussen,
glanzend als de volle maan,
lag Assepoesjes glazen muiltje
"Wie het past, trekke het aan!"
Het Stiefgezusterte probeerde,
wurmde en wrong
met hun dikke Stiefgeteente,
tot het muiltje bijna sprong
Ten lange leste -eindelijk!-
mocht Assepoes een poging wagen
Haar voetje, slank en zacht van huid
gleed als vanzelf in 't glazen muiltje
Prins de Eerste had zijn bruid!
't Meisje haalde 't andere muiltje
uit haar rafelige schort,
schoof het aan haar andere voetje
't Afscheid verder viel haar kort
Prins de Eerste hielp het bruidje
in zijn koets, op weg naar huis
zou gauw met Assepoes gaan trouwen
Nooit deed zij nog de grote kuis...
het schoon verhaal
van het meisje Assepoes?"
Assepoes, verweesd was zij
na het sterven van haar
moeder
Amper één jaar
na dat sterven,
hertrouwde pa met
stiefgeloeder
't Stiefgeloeder had twee dochters,
stiefzus één en stiefzus twee
Omdat zij minderjarig waren,
kwamen zij met Stiefmoe mee
Ze betrokken het kasteel,
stuurden Assepa ver heen,
namen Assepoes als dienstmeid
Stiefmoe bleek plots zeer gemeen
Stiefzus één en stiefzus twee
aardden naar hun valse moer,
pestten Assepoes dagdagelijks,
gaven haar slechts varkensvoer
Op een dag,
het kon niet waar zijn:
Prins de Eerste
gaf een bal!
De zussen wilden
prachtig blinken
En Assepoes?
U weet het al
Ze zorgde voor de baljurken
van het Stiefgemoei plus twee
Had zelf ocharm
geen schone kleren,
dus, Assepoes, zij kon niet mee
Toen zette zij zich
zo te huilen
op haar lieve moeders graf
Het boompje dat daarboven bloeide,
wierp een bloesemjurkje af
En in de holte van de stam
schitterde zowaar
wit als sneeuw
maar oh zo glanzend,
een passend glazenmuiltjespaar
Ook verscheen
een gouden koets
gegroeid als kool uit een pompoen
Ze diende nog slechts in te stijgen,
het koetsje zou de rest wel doen
Ratelend vertrok zij daar,
in de gouden vrucht op wielen,
bij aankomst aan het Koningshuis
ging iedereen voor haar aan 't knielen
Schreed zij binnen
op haar hakken,
zag de Prins en hij zag haar
"Dansen wil ik, schone jongen,
op mijn glazenmuiltjespaar!"
Na uren walsen
in zijn armen
in haar kersenbloemgewaad,
leek zij toen een klok te horen
't Was ten twaalven,
veel te laat
De bloesems van haar jurk verwelkten,
vielen van haar slanke lijf
't Was geen zicht,
zo zonder baljurk
werd zij zo weer Assewijf
Assepoester stopte 't walsen,
wist heel goed wat nu te doen,
donderde de trappen af
en verloor daarbij een schoen
's Anderendaags,
al bij het starten
van een nieuwe arbeidsdag,
ging Assepoes alweer aan 't zwoegen
met op haar mond een gulle lach
Op de voordeur
eensklaps hoorde
't Stiefgemoei een slag of zes
Een lakei en Prins de Eerste
stonden samen op 't bordes
Wankel rustend
op een kussen,
glanzend als de volle maan,
lag Assepoesjes glazen muiltje
"Wie het past, trekke het aan!"
Het Stiefgezusterte probeerde,
wurmde en wrong
met hun dikke Stiefgeteente,
tot het muiltje bijna sprong
Ten lange leste -eindelijk!-
mocht Assepoes een poging wagen
Haar voetje, slank en zacht van huid
gleed als vanzelf in 't glazen muiltje
Prins de Eerste had zijn bruid!
't Meisje haalde 't andere muiltje
uit haar rafelige schort,
schoof het aan haar andere voetje
't Afscheid verder viel haar kort
Prins de Eerste hielp het bruidje
in zijn koets, op weg naar huis
zou gauw met Assepoes gaan trouwen
Nooit deed zij nog de grote kuis...
donderdag 10 juni 2010
vent,
ik wil u
wil slechts u
geen ander doet dit
zo met mij
ik wil uw lijf bij mij,
in armen
ik wil u
horen kreunen
wil zien een lach
op uw gelaat
vent, lief,
ben zot van alles
wat ge zijt
noten, amper woorden
ben trots op u
wil dwalen
reizen in uw
hoofd
ja vent
reizen, ver met u
amerika
ik zie hoe ge zijt
en heb daar vrede
mee
zo ge zijt,
zal ik u houwen
vasthouwen
vent, och vent,
ge zijt van mij
ik wil lezen
als ge speelt
als ge staat
en letters zingt
wonen in uw hoofd
onschuldig tussen
armen schuilen
als suzanne zingt,
altijd
vent, lief,
ik wil beminnen
niet steeds weer
opnieuw beginnen
dromen, net als gij
u verlossen
van uw angsten
van uw drempels,
uw verdriet
door uw tranen
en uw hartzeer,
lief,
ziet gij de liefde niet...
ik wil u
wil slechts u
geen ander doet dit
zo met mij
ik wil uw lijf bij mij,
in armen
ik wil u
horen kreunen
wil zien een lach
op uw gelaat
vent, lief,
ben zot van alles
wat ge zijt
noten, amper woorden
ben trots op u
wil dwalen
reizen in uw
hoofd
ja vent
reizen, ver met u
amerika
ik zie hoe ge zijt
en heb daar vrede
mee
zo ge zijt,
zal ik u houwen
vasthouwen
vent, och vent,
ge zijt van mij
ik wil lezen
als ge speelt
als ge staat
en letters zingt
wonen in uw hoofd
onschuldig tussen
armen schuilen
als suzanne zingt,
altijd
vent, lief,
ik wil beminnen
niet steeds weer
opnieuw beginnen
dromen, net als gij
u verlossen
van uw angsten
van uw drempels,
uw verdriet
door uw tranen
en uw hartzeer,
lief,
ziet gij de liefde niet...
woensdag 2 juni 2010
by all means
by all means,
it's June now
dear
how well i am-
no you
it's floating
quite all over me
how well i am?
no you
dear, love,
in all you've
given me
and see me here
- no you
all i am
is hollow
dear
a cover,
still no you
how you had
your fingers
dear
wrapped up 'round me
oh you
a void is coming
over me,
fills me up with
melancholy
i see you,
how you were to me
and now in bed,
no you
love, in all
you said to me
i feel tries and
- distance, dear
how you spoke
and set me free
pages full of
wanting, greed
and so far
no you
dear, how you've
wrapped your
arms
around
sounds
in which i might have
found
a brave new heart
that's pounding loud
and when i speak
oh you
hardly say a
word to me
afraid, dear,
of what could just be?
fear was growing
over me
but now, my dear,
no you
seldom, i have seen
my love
a man so brave
but blue
over lost, long and
forgotten loves
i guess, oh dear,
that's you.
it's June now
dear
how well i am-
no you
it's floating
quite all over me
how well i am?
no you
dear, love,
in all you've
given me
and see me here
- no you
all i am
is hollow
dear
a cover,
still no you
how you had
your fingers
dear
wrapped up 'round me
oh you
a void is coming
over me,
fills me up with
melancholy
i see you,
how you were to me
and now in bed,
no you
love, in all
you said to me
i feel tries and
- distance, dear
how you spoke
and set me free
pages full of
wanting, greed
and so far
no you
dear, how you've
wrapped your
arms
around
sounds
in which i might have
found
a brave new heart
that's pounding loud
and when i speak
oh you
hardly say a
word to me
afraid, dear,
of what could just be?
fear was growing
over me
but now, my dear,
no you
seldom, i have seen
my love
a man so brave
but blue
over lost, long and
forgotten loves
i guess, oh dear,
that's you.
Abonneren op:
Posts (Atom)