warme zomerdagen sluimeren
over het lange gras.
ik zie mijn zusje, hoe ze ligt.
boven mij, de maan. en ver, een
lied, een tingeling-lied van
pling en plong.
muziekdoosgewijs.
ik sta in de tuin. de warme poes
komt op mij af. het gras,
het is een leven lang.
miauw, mijn lief mijn poezelief.
ik aai en giet dan verder planten.
met lange laarzen aan en mijn
flinterste japonnetje.
mijn moeder zie ik dromen, net
zoals ze 't wou.
lieve-vrouwe-bedstro oh.
oh zo is het weer zomer, zonder
mij, nooit, onder mij een beestje.
lievebeestje in het gras.
en alles is toch anders als
kindjes kleiner zijn, met een
oranje gietertje.
witte bloem.
ploem ploem.
sluiksgewijs en ademloos, de
avond is van mij, de wereld.
ik zie tomaten groeien, lavendel
van het felste soort.
en munt ruikt zacht, zo naast
mijn neus. in slaap, op bed,
mooi neergezet.
de ogen toegedaan.
pling pling tingeling pling pling.
donderdag 8 oktober 2009
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)
Geen opmerkingen:
Een reactie posten